Woord van de week: Circus

Beesten- en acrobatenspel; rondtrekkende groep acrobaten, clowns en dierentemmers die in een circustent hun kunsten voor publiek vertonen.

Circus komt van het Latijnse woord circus dat 'kring' betekent. Dit komt waarschijnlijk van  het Griekse kirkos, dat hetzelfde betekent.

Verwante woorden zijn cirkel (een gesloten ronde lijn) en circuit (een rondlopend parcours, bijvoorbeeld voor motorsport)

 

Circus is een voorbeeldwoord voor de verschillende uitspraak van de letter 'c'. Vóór een 'e' en een 'i' wordt de 'c' uitgesproken als 's', vóór de 'a', de 'o' en de 'u' en voor een medeklinker klinkt de 'c' als 'k'

 

            cent     citroen                 cacao    contact     cursief     crisis